Logo skatenl.nl
LULEA Zweden,
Grand Prix natuurijs nummer 1.

Bij de heren won Marthijn Mulder, normaliter een rijder uit het Beloftenpeloton. Tweede werd Christiaan Hoeksrtra en derde. Gary Hekman.

Foto; sfeerbeeld met Marthijn Mulder op kop, achter hem Christiaan Hoekstra die los waren van het peloton en in de finish nipt de voorspong hielden voor het podium.
LULEA Zweden, Grand Prix natuurijs nummer 1. Bij de heren won Marthijn Mulder, normaliter een rijder uit het Beloftenpeloton. Tweede werd Christiaan Hoeksrtra en derde. Gary Hekman. Foto; sfeerbeeld met Marthijn Mulder op kop, achter hem Christiaan Hoekstra die los waren van het peloton en in de finish nipt de voorspong hielden voor het podium. (Foto: neeke smit)

Marthijn Mulder over schaatsen, kanker en de kerk

Het verhaal van Marthijn Mulder begint niet op die laatste zaterdag van februari. Natuurlijk, op het natuurijs bij het Zweedse Luleå zorgde hij voor een sensatie door als B-rijder alle toppers uit het A-peloton achter zich te laten en zo de eerste race van de Grand Prix te winnen. Spectaculair. Maar toch, het échte verhaal van Marthijn Mulder begint al ruim anderhalf jaar eerder, als de artsen hem moeten vertellen dat hij een zeldzame vorm van beenmergkanker heeft.

door Eric Korver

Marthijn Mulder (23) nestelt zich op de bank in het restaurant van het luxueuze Best Western Hotel in Luleå. Hij staat, zegt hij, weer met beide benen op de grond na de dag van gisteren, na de dag waarop hij de verhoudingen in het marathonpeloton even op z’n kop zette. Pas langzaam daalt in hoe bijzonder zijn prestatie was. ,,Nu denk ik steeds ‘wat heb ik gedaan?’ Als je ziet hoeveel jongens in het peloton op natuurijs hebben gewonnen. Dat waren er zes, en nu zeven met Jordy Harink erbij. Heel weinig. En er zijn jongens die er jaren over doen, terwijl ik nu win bij mijn eerste serieuze race op natuurijs. Ja, dat leverde wel een gekkenhuis op. Ik stond echt continu áán, sliep ook slecht de nacht na de wedstrijd.’’

Op de bank zit een beer van een kerel. Groot, sterk, ogen vol levenslust. Een jonge vent in de kracht van zijn leven. Aan niets merk je dat de jonge atleet een last meedraagt die zijn prestatie nóg indrukwekkender maakt. Ruim anderhalf jaar geleden kreeg hij te horen dat hij lijdt aan een zeldzame vorm van beenmergkanker. Een boodschap waar hij zelf wel nuchter onder bleef. ,,Maar voor mijn ouders was het echt heftig. En natuurlijk heb ik zelf ook wel slechte momenten, dat ik er even doorheen zit. Dat doet ook wel wat met je, maar dat hoeft niet iedereen te zien. Laat ik ook niet merken. Ik wil ook echt niet dat mensen medelijden met me hebben. Ik kan nog gewoon een wedstrijd winnen op natuurijs, dus zo zielig hoef ik niet te zijn.’’

Maar sinds die diagnose moet Mulder wel dagelijks met zijn ziekte leven. Vooral vermoeidheid speelt hem parten. ,,Minder energie, dat hoort er wel bij. Als ik een dag heb gewerkt, lig ik ’s avonds echt even een uurtje op de bank en stap ik misschien pas om half acht op de fiets. Dan moet ik echt even mijn rust pakken.’’

Geen optie

Voor Mulder is het beter als hij zich zo min mogelijk inspant, maar dat is iets dat lastig samengaat met het leven van een marathonschaatser. Desondanks heeft hij nooit echt overwogen te stoppen. ,,Dat is geen optie’’, zegt hij stellig. ,,Ja, in het begin heb ik wel even gedacht ermee te kappen. Beter nu dan over twee jaar als het voor geen meter meer gaat, zo redeneerde ik. Pelotonvulling moet er altijd wel zijn, dat weet ik. Maar als je vooraan hebt gereden op skeelers en dat gaat daarna niet meer door je gezondheid, dan moet je proberen dat moment voor te zijn. Voordat het zover is kap ik ermee.’’

Maar dat is helemaal niet aan de orde. Met medicijnen wordt zijn ziekte nu stabiel gehouden. ,,Dat is het maximale wat ze nu kunnen. Elke week, elke maandag spuit ik mezelf in. Ik had ook een koeltasje en een spuit mee naar Zweden. Op maandag gaat dan die spuit erin. En elke acht weken moet ik op controle.’’ Hij zit er niet mee. ,,Alles went. Ook dit.’’ Verder wil hij er niet mee bezig zijn, maar gewoon zijn leven leiden. ,,Ik kijk ook niet op internet, heb nog nooit gezocht op de ziekte. Nergens voor nodig.’’

Het is verbazingwekkend dat hij zelfs fysiek nog stappen zet, dat hij nog sterker en beter wordt. ,,Ik denk doordat ik veel meer op mezelf ben gaan letten.’’ Manon Kamminga, zijn nieuwe coach bij het team van A6.nl waarvoor hij volgend seizoen rijdt, zei al eens dat hij altijd veel te gek deed. ,,Had ze gelijk in’’, geeft hij toe. ,,Had ik in de ochtend al drie uur gefietst, deed ik ’s avonds nog een skeelertraining. Nu doseer ik veel meer, train nog maar één keer per dag in plaats van twee keer. Meer rusten en weten wat je doet is beter dan de oogkleppen opzetten en hard trainen. Ja, hard trainen doe ik nog steeds, maar ik denk wel veel meer na.’’

Alcohol

En hij gaat bewuster met zijn lijf om. ,,Ja, zeker, dat ook. Ik drink ook geen alcohol meer. Was één van de eerste dingen die de arts zei: ‘Als je alcohol drinkt, moet je stoppen met sporten’. Best moeilijk, want ik vind bier drinken ook gewoon leuk, lekker en gezellig. Nu zit ik erbij met een colaatje en als ik moe ben ga ik naar huis, terwijl ik normaal gesproken drie uur later zou zijn gegaan. Toch is het nog steeds gezellig en als ik dan de volgende ochtend fit wakker word, is dat ook wel weer lekker.’’

Zijn vrienden, de mannen van de Barre Beukers en de groep in Staphorst weten hoe het zit, dat helpt ook. ,,Als Ronald Haasjes een keer geen bier drinkt, zeggen ze allemaal dat hij normaal moet doen. Maar tegen mij zeggen ze ‘goed zo, we halen wel wat anders’. Ze houden er allemaal rekening mee.’’

Maar de zaterdag na zijn prachtige zege ging het alcoholverbod even overboord. ,,Eén keer in de zoveel tijd heb ik mezelf een wildcard gegeven’’, zegt hij met een knipoog. ,,Die heb ik die avond ingezet. Dan is het ook alles of niks en ga ik niet twee biertjes drinken, want dan hoeft het voor mij niet. In het afgelopen jaar heb ik vier keer een moment gekozen voor zo’n wildcard.’’

Marthijn Mulder doet zijn verhaal zoals hij is: nuchter. Dat kreeg hij ook wel van huis uit mee. Hij komt uit Staphorst, waar het christelijk geloof streng beleden wordt, en al te veel gekheid aan niemand besteed is.

Afgod

Zijn vader stuurde kort na zijn zege een berichtje, en wat later was er telefonisch contact. ,,Mijn moeder heeft niets over de wedstrijd gestuurd. Helemaal niets. Ja, ze stuurt wel berichtjes. ‘Welterusten’ of ‘hoe was je dag’. Als mijn vader niet zo fanatiek was, hadden ze helemaal niets geweten van wat ik doe. Mijn moeder zegt dat sport alleen maar om jezelf draait en ziet liever dat ik die tijd ergens anders in steek. Ja, dat heeft met het geloof te maken. Sport is een afgod, zegt ze altijd. IJdelheid.’’

Mulder startte twee dagen later niet in het Open Nederlands kampioenschap. Sporten en werken op zondag laat het geloof immers niet toe. ‘Als God wil dat ik win op zaterdag, dan win ik op zaterdag’, zei Mulder voor de camera van de NOS. ,,Als ik dat thuis zeg, wordt mijn moeder altijd boos. Die vindt dat sport om jezelf draait, dat ík wil winnen. Maar God bepaalt dat. Als die wil dat ik win, dan win ik. Wil God dat ik val, dan val ik. Maar uiteindelijk heeft ze wel gelijk dat sport vaak draait om degene die wint.’’ Maar er wordt ook gesteld dat God een talent gegeven heeft en dat je daar wel iets mee moet doen. Mulder lacht. ,,Ik vind zelf dat ik geen talent heb, da’s wat anders, haha. Maar nee, zo sta ik er niet in.’’

De gemeenschap in Staphorst leeft ook mee. In het dorp van iets meer dan tienduizend zielen kent immers iedereen elkaar, vertelt Mulder. ,,Dat heeft voordelen en nadelen. Soms ben ik een stad en vind ik dat ook wel mooi, steeds weer andere mensen. Maar in Staphorst is het ook wel lekker. Iedereen is dichtbij. Je loopt zo even bij de buren naar binnen, terwijl in de stad een buurvrouw drie jaar dood kan liggen en niemand dat doorheeft.’’

Hij voelt ook de steun in het dorp. ,,Zeker vanuit de kerk. De dominee komt wel langs, of een ouderling, al hoeft dat op zich van mij helemaal niet. Iedereen vraagt ook aan mijn ouders hoe het met mij gaat. Ik heb liever dat ze dat aan hen vragen dan aan mij. Doen ze dat wel, dan zeg ik altijd dat het prima gaat, dat ik niet mag klagen. En dan hoop ik dat ze niet verder vragen.’’

Kerk

De kerk hoort bij Staphorst, hoort ook bij het leven van Mulder. Hij weet niet beter. ,,Ik ga er al van jongs af aan heen, mijn vrienden gaan erheen. Vooral als je jonger bent, heb je niet door dat ze dat buiten Staphorst raar vinden. Vroeger moest ik met skeelerwedstrijden ook altijd uitleggen dat ik dit niet mag op zondag, of dat niet mag. En dat we geen televisie hebben. Dan heb je pas door dat mensen raar vinden wat wij doen, terwijl dat voor jezelf heel normaal is.’’

Hij staat zelf toch wel weer iets anders in het geloof dan zijn ouders. Moderner, denkt hij. ,,Ik heb nu genoeg meegemaakt, ben op genoeg plekken geweest om beter te weten hoe dingen ook werken. Maar het is gewoon het christelijk geloof in Staphorst, en het is echt wel een strenge kerk. Iedereen heeft dezelfde God, maar iedereen beleeft dat op zijn eigen manier. En ook daarin is de ene veel strenger dan de ander.’’ Ook het geloof geeft hem steun. ,,Jawel. De dominee is een hartstikke aardige man die het beste bedoelt en belangstelling toont. Als hij langskomt hebben we een prima gesprek. Hij heeft drieduizend mensen waar hij heen moet, maar als hij zoiets hoort, komt hij wel langs.’’

Voorlopig lijkt een bezoekje niet nodig, want het gaat prima met Mulder. De winst in Luleå maakt hem duidelijk dat zijn toekomst toch vooral op het ijs ligt, waar zijn hart lang bij het skeeleren lag. Maar de impact van schaatsen is vele malen groter, merkte hij al snel. ,,Na mijn eerste marathonzege op skeelers kreeg ik veel berichten. Nu waren dat er drie keer zoveel. Als je in zo’n week ziet wat er allemaal gebeurt en wat er op je afkomt, dan is dit wel een stuk groter dan skeeleren.’’

Transfers

Volgend seizoen komt hij uit voor A6.nl, de ploeg van Henk-Jan Meijer en Klasina Seinstra. Al voor de wedstrijden in Zweden gaf hij zijn woord. ,,Het begon een beetje te lopen met transfers en Bouwselect kon mij op dat moment geen zekerheid geven over een plek voor volgend seizoen in de Topdivisie. A6 wilde me heel graag. Daarna heb ik nóg een keer met Bouwselect gezeten, maar daar was nog steeds geen zekerheid. Vervolgens heb ik de knoop doorgehakt. Ja, nu zullen ze ervan balen dat ik wegga, maar toen had ik gewoon niks. En ik wilde heel graag die plek in het A-peloton. Maar ik ben blij met mijn keuze.’’

Natuurlijk wordt er nu gezegd dat hij te vroeg heeft toegezegd. Is hij het zelf niet mee eens. ,,We moeten nu niet ineens gaan doen of ik een hele man ben. Vóór Zweden was er niets aan de hand geweest. Al had ik misschien beter veertigste kunnen worden dan winnen, want ineens ga je wel over dingen twijfelen. Dat gebeurt automatisch, er komt in één keer zóveel op je af. Daarom heb ik de dag daarna gelijk met Henk-Jan Meijer gezeten om te praten.’’

Met het succes kwam ook de aandacht voor zijn ziekte. Mulder kreeg reacties van veel mensen die in dezelfde situatie zitten. Vaak kwamen ze met tips, maar gezien de verrichtingen van Mulder is het beter als hij hén tips geeft. ,,Ik heb weleens in ene groepsapp gezeten’’, vertelt hij. ,,Allemaal mensen met dezelfde ziekte. Tot ik een bericht zag van een vrouw die meldde dat haar man helaas na zoveel jaar ziekte was overleden. Ik ben meteen uit die groep gestapt.’’

Meer berichten