Logo skatenl.nl
<p><em>Jeroen de Vries: ,,Afscheid nemen van Hunter was moeilijk, maar je moet in zo&rsquo;n geval niet je persoonlijke emotie laten overheersen boven zakelijk verstand.&rsquo;&rsquo;&nbsp;</em></p>

Jeroen de Vries: ,,Afscheid nemen van Hunter was moeilijk, maar je moet in zo’n geval niet je persoonlijke emotie laten overheersen boven zakelijk verstand.’’ 

(Foto: Timsimaging)

Jeroen de Vries: afscheid van Hunter, langzaam over naar Bioracer

Als schaatser hoorde je Jeroen de Vries zelden of nooit. De man uit Sint Nicolaasga prefereerde de achtergrond boven de voorgrond, maar was ondertussen wel behoorlijk succesvol. Als ondernemer gaat hij eigenlijk precies hetzelfde te werk. Nooit hoog van de toren blazen, maar wel een succes maken van zijn kledingmerk Hunter. Dat is inmiddels overgenomen door het grote Bioracer, dat vanaf dit seizoen de schaatsmarkt moet veroveren.

Als je praat over de beste marathonschaatsers in de eerste tien jaren van deze eeuw gaat het eigenlijk altijd over mannen als Erik Hulzebosch, Miel Rozendaal, Jan-Maarten Heideman en Henk Angenent. De naam van Jeroen de Vries valt zelden. Maar de sterke Fries was wél goed voor een prachtige overwinning in de Alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee en acht zeges op kunstijs. Saillant detail: vier daarvan boekte hij in Alkmaar, waar de baan hem blijkbaar op het lijf geschreven was.

Dat maatwerk zette De Vries door, nadat hij in 2009 vrij abrupt een punt zette achter zijn loopbaan en zijn doorlopende contract bij DSB inleverde. De reden was voor De Vries eenvoudig: hij kon het schaatsen niet langer combineren met zijn dagelijkse werk. En dat laatste bestond uit het runnen van Hunter Sportswear, een initiatief dat voortkwam uit de tijd waarin hij met Miel Rozendaal reed voor Time Out Sport, waarvan Edward van Dijk en Sytze Prins de sponsoren waren. ,,In 2006 ben ik daar samen met Miel Rozendaal ingestapt, maar uiteindelijk bleef ik zelf over’’, blikt De Vries terug.

Gedreven

De Vries pakte dat werk net gedreven aan als hij schaatste. ,,Je slaat het boek topsport dicht en slaat een nieuw boek open. Dat was Hunter. Dan trap je het gaspedaal in en je gáát en stopt niet. Je overwint tegenslagen, viert overwinningen. Het is inderdaad net schaatsen. Maar ondernemen is ook echt topsport, met alles wat daarbij hoort. Net of je op zee zit met een boot en probeert het roer te houden, terwijl de golven je onverwacht laten bewegen. Daarmee moet je dan aan de slag en zorgen dat je de koers weer herstelt.’’

Tot zover even een stukje geschiedenis van Hunter, dat nu op het punt staat als merknaam te verdwijnen. De Vries leidde het bedrijf dermate goed dat het bekende Belgische merk Bioracer interesse had om kleding voor Hunter te produceren. ,,Ze zochten in de winter naar meer productie, en dan zijn schaatspakken ideaal. Dat bijt ook niet met fietsen, waar het grootste belang van Bioracer lag’’, vertelt De Vries. Hij zag samenwerking zitten, maar wel op een andere basis. ,,Hunter moest wel gekocht worden, anders had ik wéér geen stuur in handen. Dan ben je overgeleverd aan anderen, stuur je een order in en hoopt maar dat je die krijgt. Maar als onderdeel van een merk is het voor hen ook heel belangrijk dat het goed gaat, dat werkt beter. Het heeft even geduurd, maar uiteindelijk heeft Bioracer ingestemd met overname.’’

Daarmee veranderde er veel voor Jeroen de Vries, die nu zetelt in een mooi pand in Heerenveen. De eerste jaren. Vertelt hij, lag de focus nog vooral op schaatskleding. ,,Maar organisatorisch hadden we best personeel om alles te doen voor heel Nederland, ook voor Bioracer. Uiteindelijk is het Nederlandse deel van Bioracer geïntegreerd in het Hunter-bedrijf om het zo maar te zeggen. Maar Bioracer kreeg daarin wel de overhand. We produceren nu ongeveer veertig procent schaatskleding en zestig procent wielerkleding, en we zijn op weg naar een verdeling van dertig om zeventig procent. De fietsmarkt is natuurlijk vele malen groter dan de schaatsmarkt.’’ De schaatskleding bleef aanvankelijk wel gemaakt worden onder de vlag van Hunter. ,,Iedereen kende dat, ook in het buitenland.’’

Uitdaging

De Vries kreeg er een uitdaging bij: de wielerwereld. Want daarin is Bioracer een grote speler. ,,In Nederland zijn ze marktleider in teamkleding, en misschien zelfs wel in Europa. Het hoofdkantoor zit in België, maar inmiddels zitten ze overal in Europa en zelfs wereldwijd zijn er kantoren, agentschappen of producties. In Nederland had Bioracer vijf vertegenwoordigers voor vijf regio’s, aanvankelijk nog met het backoffice in België. Dat is de laatste vijf jaar veranderd naar een backoffice in Nederland. Heerenveen is nu zeg maar het hoofdkantoor in Nederland. Mijn rol is ook veranderd. Ik werk met oud-wielrenner Matthieu Hermans, en samen zijn we verantwoordelijk voor heel Bioracer binnen Nederland. Met een eigen binnendienst, eigen designers werken we voor de Nederlandse markt haast autonoom, maar zijn we natuurlijk welk onderdeel van Bioracer België.’’

Service

Die constructie werkt perfect. Nederland is geen België, weet ook De Vries inmiddels. ,,Er worden toch weer andere dingen gevraagd. In Nederland moet je met name heel scherp op de bal zitten, heel veel service verlenen. Hier zijn de mensen al verder in online werken. Wat dat betreft loopt Nederland echt wel voor de muziek uit als het gaat om customer journey en klantbeleving. De klant staat echt centraal. Daar moet je heel veel voor doen en dat wordt in de toekomst alleen nog maar groter.’’

Dat werk is veel uitdagender geworden dan het runnen van Hunter alleen. Dat was immers puur een schaatsmerk dat af en toe fietskleding produceerde omdat mensen die schaatsen ook fietskleding nodig hebben. Uit het eigen netwerk werd dan ook nog wel eens een klante gehaald. ,,Maar nu als onderdeel van Bioracer praten we over een tienvoud van wat we hadden. Het is echt groot geworden. Als ik naar mezelf kijk, is het een supermooie uitdaging dat goed neer te zetten. Daar ligt ook mijn ambitie. Ik wil het bedrijf heel goed neerzetten zodat we heel goed de klant kunnen bedienen op alle fronten: schaatsen, fietsen, triatlon, atletiek; wat ze ook doen. Dat doen we met z’n allen, al moet er wel eentje aan de knoppen draaien. Maar we proberen het zo neer te zetten dat iedereen optimaal kan presteren in z’n rol.’’

Eén paraplu

In die nieuwe structuur werd toegewerkt naar het uiteindelijk verdwijnen van het merk Hunter. Bioracer moet ook in de schaatswereld het leidende merk worden. De Vries durfde die omschakeling aanvankelijk nog niet te maken, bekent hij. ,,Hunter is als een soort kindje voor me, dat wil je nog niet wegzetten. Maar vorig jaar groeide toch het idee onder één paraplu te werken, er één groot merk van te maken. Dat moest dan Bioracer Schaats worden, waarvan Maarten Visser inmiddels voor de Nederlandse markt ons gezicht is geworden.’’

Dat merk werd al stilletjes geïntroduceerd. Zo reed de nationale ploeg van Korea vorig seizoen al met Bioracer, net als België. ,,Zo laten we meer teams en federaties met Bioracer rijden om dat gefaseerd in de schaatswereld te introduceren. Aanvankelijk was het plan dat in één keer te doen, met afgelopen voorjaar een mooie campagne. Maar toen kwam corona. De focus bij de buitenwacht was er niet meer, de focus bij ons lag ook ergens anders, en het plezier om het goed te doen was eigenlijk ook weg. Daarom gaan we nu langzaam over, wat misschien ook beter past bij de traditionele schaatswereld. Elk team dat nu iets nieuws bestelt, rijdt straks in Bioracer. Dan is het straks gewoon allemaal Bioracer. Da’s anders dan we in het hoofd hadden, ja. Maar we vonden het nu ook niet gepast met veel hoempapa iets te gaan doen. Mensen hebben momenteel wel andere prioriteiten.’’

Emotie

Blijft staan dat De Vries straks echt afscheid neemt van zijn merk Hunter. Da’s best moeilijk, geeft hij toe. ,,Het is iets waar ik vijftien jaar geleden aan begonnen ben. En nog steeds als ik Hunter op de pakken zie vind ik dat een prachtige naam. Maar ik heb dat de laatste jaren aan de kant kunnen zetten omdat we als bedrijf willen evolueren. Dan moet dat één merk zijn. Je moet in zo’n geval niet je persoonlijke emotie laten overheersen boven zakelijk verstand.’’

In de wielerwereld is Bioracer hofleverancier van de nationale ploeg. Matthieu van der Poel, Tom Dumoulin, Anna van der Breggen en Annemiek van Vleuten; allemaal rijden ze in Bioracer. Op het ijs is dat inmiddels zo voor team Reggeborgh, team Zaanlander en marathonploeg AB Vakwerk. ,,Die exposure via de toppers is de katalysator naar meer merkbeleving, naar een sterker merk. Bij het WK wielrennen zag iedereen Bioracer op de pakken staan, en straks rijdt ook Kjeld Nuis of Ireen Wüst in een pak van Bioracer. Dan is die connectie daar.’’

?Juichmomentje?

Internationaal wordt er meer aan de weg getimmerd. Bioracer produceert ook voor Rusland en Kazachstan. ,,Als ik Kulizhnikov een wereldrecord zie rijden, staat onze naam weliswaar niet op zijn pak, maar ik wéét dat het Bioracer is. Dat vind ik fijn. Natuurlijk is het de atleet die het doet, maar hebben we wel een steentje kunnen bijdragen. Dat is wel een juichmomentje.’’

Die verrichtingen van de wereldtoppers zijn van eminent belang voor de innovatie bij Bioracer, dat alles in eigen beheer doet. De Vries: ,,We hebben een eigen protolab, eigen producties, bedenken alles, testen alles en hebben zelfs een eigen windtunnel. We zijn niet afhankelijk van derden en kunnen daardoor heel flexibel en klantgericht zijn. De feedback van kritische topschaatsers is essentieel. Daar leren we van. Wat heel goed is voor topsport kun je zeker inzetten voor breedtesport. Zo blijven we doorontwikkelen en ondertussen rollen we nu dus Bioracer uit in de schaatswereld.’’

Meer berichten