Logo skatenl.nl
(Foto: glenn wassenbergh)

Blessure noopt Ingmar Berga tot gedwongen afscheid

Ingmar Berga was vanaf zijn debuut op het hoogste niveau een smaakmaker in het marathonpeloton. Hij reed met lef en branie, was rap en boekte overwinningen. Maar na dit seizoen is het klaar. Een hersenschudding die hij in het voorjaar opliep hindert hem al de hele winter en Berga vindt het nu mooi geweest. ,,Doorgaan is geen optie meer.’’

Het is een afscheid dat je hem niet gunt en dat hij ook niet verdient. Ingmar Berga mag dan weliswaar inmiddels 37 jaar zijn, hij heeft nog altijd de uitstraling en bravoure van de twintiger die kort na de eeuwwisseling zijn opwachting maakte op het hoogste niveau. Maar na het volledig geschrapte coronaseizoen is het ook deze winter kommer en kwel voor Berga, die voor zichzelf een moeilijke, maar onafwendbare conclusie trok. ,,Vijftig, zestig rondjes rijden en dan maar hopen dat het wat wordt is niks voor mij. Ik ben er klaar mee.’’

Een flinke val op de fiets verknoeide in april vooral zijn voorbereiding, zo leek het. Berga liep een soort whiplash op, en had veel last als hij in de trainingen vol gas ging. ,,Dan krijg ik last van mijn nek en koppijn. Dat gaat wel steeds beter, maar het duurt gewoon verschrikkelijk lang. Je kunt echt beter je poot breken dan deze ongein’’, vertelde hij kort voor het seizoen nog.

Maar het ging uiteindelijk niet beter. Niet echt in ieder geval. De hoofdpijn is er nog steeds als reactie op een flinke inspanning. Berga probeerde het wel vaak dit seizoen, maar de rijder van Jumbo-Visma stond in alle gevallen ruim voor het einde weer langs de kant. ,,Ik reed die marathons om op te bouwen, en toen ik eindelijk in Hoorn aan 75 ronden kwam, dacht ik ‘nu komen we ergens’. Maar de week erna deed ik tijdens een training op de fiets iets te gek, en meteen was de koppijn er weer. Mijn lijf was zo gigantisch leeg dat ik twee weken bezig ben geweest om me weer een beetje oké te voelen. Dan sloop je je lichaam echt.’’

Ongrijpbaar

En zijn blessure is echt van het ongrijpbare soort. Behandelingen zijn moeilijk en vormen eigenlijk niet meer dan een noodverbandje, legt hij uit. ,,Rust is eigenlijk het belangrijkste. En verder kan je wel wat behandelen, maar als ik één keer te gek deed, kwam het echt meteen weer terug. Dat bood eigenlijk alleen een tijdelijke oplossing om de hoofdpijn weg te halen. Ik kan er echt helemaal niks mee.’’

In het hoofd van Berga groeide langzaam het besef dat hij richting de uitgang van zijn loopbaan werkte. Na de marathon in Tilburg uitte hij dat al naar zijn ploeggenoten bij Jumbo-Visma. ,,Ik vertelde ze dat zo doorgaan geen optie was voor mij. Het ging echt niet goed en dat ging ten koste van mijn gezondheid en ook van mijn gemoedstoestand. Ik werd er echt fucking chagrijnig van. Het is niks voor mij om vijftig, zestig ronden te rijden en dan te stoppen. Daar werd ik alleen maar depressief van. Ik ging met een klotegevoel heen, ging daarna met een klotegevoel weer naar huis. Daar heb je echt nul komma nul aan.’’

In Eindhoven wilde hij nog rijden omdat het al een paar weken best goed ging. ,,In de training kon ik ook weer af en toe even doortrekken op de schaats. Maar dan deed ik op de fiets weer net iets te gek en was het wéér klaar. Op dat moment dacht ik ‘nu is het klaar’.’’

Een andere optie dan stoppen zag de Drent niet meer. ,,Zodra ik over het rood ga, is het mis. Dan fiets ik blokken intensief duur, en die gaan op zich prima, maar als ik thuiskom weet ik al dat het niet goed komt. Dan is topsport gewoon onmogelijk. Het heeft nu ook al zó lang geduurd. Wil je doorgaan, dan zou het nu over moeten zijn, anders ga je wéér zo’n periode in. Daar had ik geen zin meer in. Dat is het me ook niet waard. Ik raakte het plezier in de sport ook kwijt. Ik vind het mooi vol gas te gaan en als dan niet meer kan, waar doe ik het dan nog voor?’’

Trots

Natuurlijk is er de frustratie dat het zo moet eindigen. Dat er straks een peloton rondrijdt zonder ‘Speedy’, zoals zijn bijnaam jarenlang luidde. Maar Berga houdt zich vast aan de vele mooie jaren, aan de goeie herinneringen. ,,Zeker. Honderd punten’’, klinkt het, zoals alleen hij dat zeggen kan. ,,Dat is ook het enige waar ik aan terugdenk. Dit jaar ben ik al vergeten. Afsluiten en klaar. Als je kijkt hoeveel ik gewonnen heb, moet ik daar gewoon trots op zijn. Dan heeft het geen zin aan de slechte momenten te denken. Ik heb genoeg mooie momenten om wél aan te denken.’’

‘Speedy’ debuteerde eind 2004 als twintigjarige in het A-peloton, nadat hij de Cup had gewonnen bij de B-rijders. ,,Mooie tijd’’, verzucht hij. ,,Een prachtig peloton met nog DSB en al die grote sponsoren. Daarom is het ook goed dat Jumbo en Reggeborgh nu ook in het peloton rijden. Dat maakt het echt beter, al houdt het allemaal nog niet over qua rijders en sponsoren.’’

Hij won uiteindelijk negentien marathons op kunstijs en mocht vier nationale titels bijschrijven op zijn erelijst: twee keer het NK op kunstijs, twee keer op het natuurijs van de Weissensee. ,,Ik maak geen onderscheid tussen die prijzen. Ze zijn me allemaal even lief. Maar de eerste is wel de belangrijkste geweest.’’ Dat was in 2007 de Nederlandse titel op het kunstijs van de Jaap Edenbaan, nog in het pak van DSB. ,,Daarna wist ik dat ik het kon. Voor het succes daarna was dat de belangrijkste zege. Maar ook in 2013 in Utrecht. Ik zat in de BAM-ploeg, waar iedereen kon winnen. Ik was de enige van ons team in de kopgroep en dan staat er best wat druk op. Dan wordt er echt verwacht dat je de winst pakt, en het is mooi als je het ook afmaakt.’’ Lachend: ,,Anders was het geen gezellige avond geweest, want daar werd echt niet gezegd ‘tweede is ook leuk’. Maar uiteindelijk vond ik ze gewoon allemaal mooi.’’

Hoofdprijs

Zes jaar geleden legde hij beslag op de laatste hoofdprijs uit zijn loopbaan: de eindzege in de Marathon Cup. Dat werd een curieuze avond. In Alkmaar werd Berga namelijk door zijn coach Jillert Anema langs de kant gehouden. Het was de inleiding tot het vertrek van Berga bij A-ware, die daarna zou uitkomen voor Okay Fashion & Jeans. Maar tijd heelde ook die wond. ,,Ik ben vaak een paar minuten boos, en dan denk ik ‘laat maar’. Wat heeft het ook voor zin? Je moet gewoon genieten van de mooie dingen en niet in de slechte blijven hangen.’’ Die Cup staat uiteindelijk gewoon achter zijn naam, en met Anema heeft Berga de strijdbijl al lang en breed weer begraven. ,,Het marathonwereldje is ook te klein om ruzie te maken.’’

Zijn laatste zege dateerde van november 2017, toen hij in Hoorn in een bizarre finale mats Stoltenborg aftroefde. En de manier waarop typeert Ingmar Berga. De twee waren samen overgebleven in de finale, en die leek de kant van Stoltenborg op te gaan. Berga worstelde zich over het ijs. Kapot, de handen op de knieën. ,,Bij de ploeg van Stoltenborg stonden ze al te juichen, die dachten dat het binnen was.’’ Maar al snel bleek dat je Berga nooit moet afschrijven. De man die altijd rijdt met een vechtershart was uiteindelijk tóch de sterkste. ,,Zo heb ik eigenlijk altijd wel gereden, met het hart. Ook de laatste op de Weissensee won ik zo. Alles of niks, met een verrassende aanpak. Ik denk dat ik als rijder niet heel voorspelbaar was, dat ik altijd naar iets zocht om de tegenstander te verrassen.’’ En dat karakter van hem kwam wel vaker bovendrijven. Zoals na zijn enkelbreuk. Die liep hij op tijdens een trainingskamp met BAM in Livigno. Maar in recordtijd maakte hij in Haarlem alweer zijn rentree. ,,Na de jaarwisseling won ik toen op de Weissensee het Open Nederlands kampioenschap. Ja, dat was echt geweldig.’’

Europese titel

Ook op skeelers was Ingmar Berga altijd een topper. Hij won in zijn lange loopbaan meerdere Nederlandse titels. Hoogtepunt blijft de Europese titel die hij in het Italiaanse San Benedetto del Tronto veroverde. Op de marathon won hij daar solo. Berga liet onder andere Sjoperd Huisman en de Belg Bart Swings achter zich. Zelfs in de zomer van 2019 kroonde hij zich nog tot Nederlands kampioen op de marathon.

Wat er nu volgt, weet Ingmar Berga nog niet. ,,Even afwachten maar.’’ Hij heeft immers altijd geschaatst voor zijn brood, weet iet beter dan dat. Al heeft hij inmiddels wel wat andere activiteiten ontwikkeld. ,,Ik heb een winkeltje in Hoogeveen met Cipollini-fietsen en fietsspullen. Dat gaat steeds beter. Maar in principe wil ik gewoon graag bij de ploeg blijven om daar wat te doen. Daar is verder nog niet over gesproken, maar dat gaan we na de Spelen zeker een keertje doen.’’

Meer berichten